Onze huidige maatschappij is ingesteld op gelijkheid. Alle verschillen tussen mannen, vrouwen en kinderen zijn aan het vervagen, maar dan ook tot in de kleinste details. Rekening houden met elkaar is over het algemeen minder vanzelfsprekend dan een aantal decennia geleden. Verschillen tussen mannen en vrouwen worden vaak als onbelangrijk beoordeeld. Sterker nog ze worden ontkend. Mannen en vrouwen zouden gelijk zijn (emancipatie). In de twintigste eeuw is zelfs getracht de uiterlijke verschillen tussen mannen en vrouwen weg te poetsen.(unisex). De ander begrijpen kost veel moeite. Meestal zijn we een leven lang bezig om de meest voor de hand liggende waarheden over mensen te ontdekken en ons eigen te maken. Als mens worden we beperkt hoe we naar de ander kijken, namelijk vanuit ons eigen, sterk egocentrisch perspectief. We leggen het gedrag van anderen langs onze eigen meetlat. Hoe anders de ander ook is, we hebben de neiging om het gedrag van de ander uit te leggen in de termen van eigen gedrag. De vanzelfsprekendheden waar mensen van uitgaan in hun omgang met elkaar zijn belangrijke valkuilen die voor communicatie stoornissen kunnen zorgen. De oorspronkelijk evolutionaire rollen en activiteiten staan niet meer zo sterk op de voorgrond. Dit betekent niet dat wij onze evolutionaire bagage kwijt zijn. Ook betekent het niet dat er geen verschillende taken meer uitgevoerd behoeven te worden. De evolutionaire uitrusting van de man en de vrouw is nog steeds geschikt voor het uitvoeren van bepaalde taken, vooral op het gebied van voortplanting en de verzorging van het kind. De bagage beïnvloedt echter vooral de neiging en lust tot die taken. Het constante zoeken naar gelijkheid in plaats van naar gelijkwaardige behandeling zorgt er voor dat mannen en vrouwen een werkelijke emancipatie (het daadwerkelijke begrijpen) in de weg staat. Aandacht voor de verschillen tussen mannen en vrouwen betekent aandacht voor de oorsprong van gedrag, en het belang van de aanleg. Ieder mens beschikt over zijn of haar eigen unieke patroon van aanlegpatronen die door omstandigheden (ervaring van het leven) tijdens het opgroeien al dan niet tot uitdrukking komen. Verschillen tussen sekse bestaan en mogen niet als gelijke benaderd en behandeld worden. Zie de verschillen ook daadwerkelijk. De soms zo stereotiep lijkende gedragingen kunnen een diepere achtergrond hebben dan we op het eerste oog zouden denken. Specifieke kwaliteiten van mannen en vrouwen zijn op deze wijze evolutionair ontwikkeld. De inwisselbaarheid van de rollen van de mannen en de vrouwen komt steeds meer op de voorgrond te staan. Daardoor lijken de verschillen te vervagen, maar gaan eigenlijk tot steeds meer problemen leiden met name in de communicatie tussen relaties.
Fight or Flight versus Nice or victim
De evolutietheorie staat niet langer alleen in het teken van de struggle for life, het gevecht om te overleven. Er is een tweede strategie, de meer vrouwelijke stategie, te weten
samenwerken. De meest gebruikelijk mannelijke reactie is de flight or fight respons. Aan de ene kant vechten aan de anderen kant vluchten. Vrouwen hebben ook twee strategieën, aan de ene kant aardig en lief doen en aan andere kant de rol van het slachtoffer, victim.
Mensen zijn bereid om iemand als slachtoffer te zien als de situatie daar aanleiding toe geeft. In feite is het slachtofferschap een wijze om zichzelf als de mindere op te stellen en solidariteit van de ander te vragen.
De mannelijke psyche is sterker ingesteld op competitie en het detecteren van gevaar als prioriteit. Zijn denken heeft meer abstracte en ruimtelijke oriëntatie, waarbij het denken is gericht op het vormen van abstracte systemen vanuit de feiten. (Het inductieve denken, het opbouwen vanuit de ervaringsfeiten). De vrouwelijke psyche is gericht op zorg en haar prioriteit ligt in empathie, ze detecteert wat er in een ander omgaat, en haar denken is meer relationeel en emotioneel gericht, meer op onderliggende verbanden tussen gegevens en de gevoelswaarde ervan en de interne logica. Gedragsverandering en automatiseren van gedrag zijn verschillende grootheden. Gedrag dat geleerd is, wordt niet per definitie toegepast en is nog niet geautomatiseerd als het geleerd is.
Vrouwen kunnen in de ogen van mannen bijna eindeloos praten over gevoelens. Hun behoefte daarin is zo groot dat ze doorgaan zonder rekening te houden met de ander. Mannen kunnen het fysiek niet volhouden dat vrouwen zo veel en zo lang en zo laat in de nacht willen blijven praten. “Je moet stoppen, ze ziet toch dat ik het niet meer kan. Het is ook niet effectief, ik kan niets meer opnemen. Ik moet slapen.”
Voor vrouwen is het ook onbegrijpelijk om mee te maken dat mannen niet de hele dag met een relatieprobleem bezig zijn. Voor mannen is het onbegrijpelijk dat vrouwen altijd maar actief zijn in hun hoofd. Mannen kunnen rustig nergens aan denken en zich nergens bewust van zijn. In rusttoestand zijn de hersenen van mannen nog voor 30% actief en bij vrouwen ligt dit percentage op 90%.

